Wedstrijdbaan trainingen op de dinsdagavonden

Weergave wedstrijdbaan met de verschillende vakken

Als experiment is op enkele dinsdagavonden getraind met een andere indeling van de 400mtr baan. De zogenoemde wedstrijdbaanindeling. Wat hiervan de achtergrond is, hoe dit eruit ziet en welke afspraken daarvoor nodig zijn, wordt hieronder uitgelegd. Het streven is nl. deze indeling standaard op de dinsdagen in te voeren, de avond voor gevorderde schaatsers cq. de avond waarop veelal de wedstrijdschaatsers hun specifieke wedstrijdtrainingen rijden.

Wat is een wedstrijdbaan indeling tijdens trainingen?
Bij een wedstrijdbaanindeling wordt de 400mtr baan anders gebruikt, langzamere rijders rijden aan de binnenkant en de snelste rijders rijden aan de buitenkant.
Wanneer getraind wordt met een wedstrijdbaanindeling dan moet je dus even omdenken. Het stapvoets rijden, rusten en het uitleggen van de oefeningen vindt dan nl. niet meer plaats aan de buitenrand van de baan maar juist aan de binnenrand van de baan. En wanneer je sneller rijdt dan een ander, haal je niet meer aan de binnenkant in maar aan de buitenkant. Echt dus omdenken!

Wat zijn de spelregels?
• Betreden van de baan: Je stapt de baan op daar waar ook de snelste rijders kunnen rijden. Kijk dus heel goed of de baan vrij is en steek daarna de baan in een rechte lijn over naar de “inrijdbaan”.
• Stilstaan, rusten, stapvoets rijden: het meest naar de binnenkant gelegen deel van de baan tot aan de binnenste blauwe lijn is tijdens wedstrijden de inrijdbaan. Tijdens de wedstrijdbaan-trainingen is dit ook het gedeelte waar stilgestaan en stapvoets gereden kan worden. Het is niet breed, dus houd rekening met anderen.
• Starten met oefeningen: kijk goed achterom of de baan vrij is en verlaat dan pas de inrijdbaan, doe dit vanaf zo’n 15 meter na de bocht. Zo zie je goed of de baan echt vrij is en evt. rijders die eraan komen zien je goed de baan opkomen.
• Inhalen: inhalen doe je buitenom, dus aan de buitenkant.
• Ingehaald worden: hoor je iemand achter je roepen “hogerop”, dan ga je nu dus iets naar binnen in plaats van naar buiten!
• Oefenen van starts: Alleen bij de 1000mtr start en finish plek en altijd met gebruik van een “afschermer”, een persoon die aankomende schaatsers tijdig waarschuwt dat er starts plaatsvinden. Oefenen van starts vindt plaats met groepen niet groter dan 4 rijders, 1 trainer en 1 afschermer. Er start slechts 1 persoon per keer. Bij drukte, geen starts oefenen.
• Glij-starts: zie “starten met oefeningen”.

Afzetting op de baan:
Als het even kan wordt de scheiding tussen inrijdbaan en trainingsruimte aangegeven door plaatsen van de zogenoemde “hoedjes”. Wordt dat niet gedaan, dan is de standaard blauwe lijn van de inrijdbaan de scheidingslijn.
Wordt er moet hoedjes gewerkt, dan wordt elke rijder op de baan gevraagd erop te letten dat de hoedjes blijven staan. Zie je dat een hoedje is verplaatst/niet goed ligt, leg deze dan zo snel mogelijk weer terug op de “lijn”.

Waarom deze andere baanindeling (op de dinsdagen)?
Omdat wedstrijdrijders tijdens de wedstrijden rondes van 400mtr rijden, rijden zij tijdens een wedstrijd nooit de krapste binnenbocht, de binnen-binnenbocht. Het rijden van de wedstrijdbochten is dan ook net weer wat anders en wil je graag oefenen. Door de baan tijdens de trainingen anders te gebruiken kan dit dus geoefend worden.
Bijkomend voordeel is, is dat het veiliger is bij valpartijen in de bochten. Schaatsers die aan het uitrijden zijn aan de binnenzijde lopen geen gevaar door een vallende snelle schaatser.

Nieuws Overzicht